Liam was vijftien jaar. Hij had zorg nodig, en kreeg een isoleercel. Maar er waren ook mensen die hielpen, dingen die het verschil maakten. Dit is zijn verhaal.

Beeld: © OZJ
“Ik was vijftien toen ik in de gesloten jeugdhulp belandde. De leeftijd van je eerste relatie en ontdekken wie je bent. In plaats daarvan ontdekte ik wat isolatie is. Wat het betekent om opgesloten te worden, terwijl je eigenlijk hulp nodig hebt.
Ik ben vroeger misbruikt. En wat er toen had moeten gebeuren – aandacht, zorg, traumaverwerking, gewoon iemand die zegt: dit is niet jouw schuld – dat gebeurde niet. In plaats daarvan werd ik opgesloten. Ik voelde me niet geholpen, ik voelde me gestraft. En het ergste was: ik geloofde het zelf ook. Dat ik het verdiend had en dat dit mijn eindstation was.
Er was een begeleider die met me bokste. Die me vasthield totdat ik brak, en daarna een briefje onder mijn deur schoof. Ze schreef dat het geen falen was en ze trots op me was. Dat het morgen een nieuwe dag was. Ik heb dat briefje zo vaak gelezen dat de vouwen uit het papier zijn gegaan.
En ik ben dankbaar voor dat briefje, echt. Maar ik ben ook boos. Dat briefje had niet nodig mogen zijn. Wat zij deed was normaal menselijk contact, gewoon iemand die mij zag. Het feit dat zo’n gebaar zo zeldzaam was en dat het zo’n groot verschil maakte, zegt meer over het systeem dan over haar.
Wat niemand zag: ik had geen straf nodig. Ik had liefde nodig. Onvoorwaardelijk, en gezien worden.
Ik heb 1,5 jaar in de gesloten jeugdhulp gezeten. Daarna nog 1,5 jaar in een kliniek. Ik heb mijn middelbare school niet afgemaakt. Ik had geen sociale contacten meer. Ik heb jaren van mijn leven gemist die ik nooit terugkrijg en daar rouw ik nog steeds om.

Beeld: © OZJ
Mensen dachten dat ik het nodig had, die gesloten plaatsing. Ik dacht het zelf ook. Ik geloofde dat de isoleercel het enige was wat me in leven hield. Dat is hoe diep het systeem in je hoofd kruipt: het laat je geloven dat opsluiting zorg is.
Ik heb gevochten voor een excuus. Niet omdat ik wraak wilde, maar omdat herstel begint op het moment dat iemand erkent dát er herstel nodig is. Ik ben terug geweest naar de instelling. Daar heb ik een handgeschreven kaartje gekregen. Ik ben dankbaar voor dat gebaar, maar ook boos dat ik ervoor heb moeten vechten. Terwijl ik het slachtoffer ben.
Als ik terug kon gaan in de tijd dan zou ik tegen mezelf zeggen: het is niet jouw schuld, ik zie je. Ik hou van je voor wie je bent en voor alles wat je bent. En als je de komende jaren door een hel moet gaan: ik zal er zijn!
Ik hoop dat hulpverleners iets uit mijn verhaal kunnen halen. Al is het maar dat ze werken vanuit verbinding, vanuit het hart. Je kunt het hele systeem niet veranderen. Maar jij kunt wel de persoon zijn die een briefje schrijft en het verschil maakt in iemands leven.”
- Liam*

Beeld: © OZJ
* De naam is verzonnen, het verhaal is echt.
Gevoelens na gesloten jeugdhulp lopen soms door elkaar. Hier vind je woorden en verhalen die dat herkennen. Je bent niet de enige!
Raakt dit je of heb je hulp nodig? Meld je aan via nagesloten@vng.nl.