Vier jaar geleden spraken we Mireille Molenaar, psychosociaal therapeut in de jeugdzorg, over haar missie voor een liefdevolle jeugdzorg. Haar boodschap toen: een betere jeugdzorg begint ook bij jezelf. Inmiddels is er veel veranderd. Het Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming is met de Veranderstrategie een nieuwe fase ingegaan. Mireille ziet daarin positieve aanknopingspunten, maar vraagt zich ook af: hoe zorgen we ervoor dat de verandering niet alleen op papier plaatsvindt?

Beeld: © Fotograaf Marjan van Houwelingen

In de jeugdzorg is lang op een bepaalde manier gewerkt waarvan we dachten dat het goed was”, zegt Mireille. “Maar als hulp over te veel schijven loopt, ontstaat er nauwelijks een relatie met een jongere of gezin. Daar is gelukkig steeds meer besef op gekomen.” Ook woorden als liefdevolle en traumasensitieve jeugdzorg zijn volgens haar veel normaler geworden. “Een paar jaar geleden voelde ik me soms een buitenbeentje als ik over liefde in de jeugdzorg sprak. Nu is daar veel meer ruimte voor. Dat vind ik een positieve ontwikkeling.”

Veiligheid is meer dan fysieke veiligheid

Tegelijkertijd vindt Mireille dat er nog een wereld te winnen is. Neem het begrip veiligheid, dat ook binnen het Toekomstscenario centraal staat. “We denken bij veiligheid nog snel aan fysieke veiligheid: een kind wordt niet mishandeld, krijgt voldoende te eten en heeft een dak boven het hoofd. Natuurlijk is dat essentieel. Maar psychische veiligheid is minstens zo belangrijk.”

Daarbij moeten professionals volgens haar ook naar hun eigen handelen durven kijken. “Hoe veilig voelt een gesprek voor een jongere of ouder? Als je met lijstjes, doelen en allerlei verplichtingen binnenkomt, kun je onbedoeld veel spanning oproepen. We hebben heel veel kennis in ons hoofd, maar voelen we ook wat er in het contact gebeurt?”

Dat vraagt niet alleen vakkennis, maar ook zelfkennis. Mireille pleit daarom al jaren voor meer aandacht voor persoonlijke ontwikkeling van professionals, leidinggevenden en bestuurders. “Iedereen neemt zichzelf mee naar het werk. Je eigen onzekerheden, overtuigingen en patronen spelen mee in hoe je reageert. Als we patronen in het systeem willen doorbreken, moeten we dus ook onze eigen patronen durven onderzoeken.”

Van anders organiseren naar anders doen

Die boodschap sluit aan bij de nieuwe Veranderstrategie van het Toekomstscenario. De komende jaren staat de beweging naar anders denken, anders doen en anders organiseren centraal. In de Veranderstrategie zijn acht acties benoemd om de beweging de komende jaren te versnellen. Er wordt onder meer gewerkt aan stevige lokale teams, nauwere samenwerking met zorg- en veiligheidspartners en meer gezamenlijk onderzoeken en beoordelen mét het gezin of huishouden.

Mireille herkent zich in die richting. Maar ze waarschuwt dat mooie uitgangspunten alleen niet voldoende zijn. “De woorden kloppen vaak. Beter samenwerken, meer gelijkwaardigheid, het gezin centraal. Maar de belangrijke vraag is: hoe kom je daar?”

Beeld: © Fotograaf Ada Ritzer

Neem regie over je eigen leerproces

Neem stevige lokale teams. “Voor mij betekent een sterk team ook dat professionals stevig in hun eigen schoenen staan. Dat ze kunnen reflecteren op hun handelen, weten wat echte veiligheid betekent en niet automatisch doen wat ze altijd al deden.” Dat kan betekenen dat je soms buiten bestaande routines moet durven denken. Niet roekeloos, benadrukt Mireille, maar vanuit de vraag wat een kind of gezin daadwerkelijk helpt. “Professionals zeggen soms: dit mag niet, of: dit moet nu eenmaal. Maar onderzoek dat eens. Waarom doe je wat je doet? En draagt het echt bij?”

Juist in deze fase van het Toekomstscenario ziet ze daarom een grotere verantwoordelijkheid voor professionals zelf. “Wacht niet alleen totdat iemand van bovenaf vertelt hoe het anders moet. Neem ook regie over je eigen leerproces. Soms zit verandering in iets heel eenvoudigs: niet nóg een gesprek aan tafel voeren, maar ga eens met een jongere wandelen of een ijsje eten. Maak echt contact.”

Als professional niet erboven maar ernaast

Een ander belangrijk punt uit de Veranderstrategie is het gezamenlijk optrekken met gezinnen en huishoudens. Voor Mireille raakt dit de kern. “We praten nog te vaak over gezinnen in plaats van met gezinnen. Zo lees ik in de Veranderstrategie: ‘Professionals kijken samen naar de situatie. Daarbij betrekken zij het gezin of huishouden actief.’ Maar het draait juist om het gezin. Ouders beschikken zelf over veel kennis, ervaring en kracht. Geef hun een stevige plek.”

Dat vraagt om een andere positie van de professional: minder erboven, meer ernaast. “Natuurlijk moet je soms grenzen stellen of ingrijpen als dat nodig is. Maar gelijkwaardigheid betekent dat je mensen serieus neemt. Dat je niet automatisch denkt: ik ben de professional, dus ik weet wat goed voor jou is.”

Mireille ziet gelukkig steeds meer bereidheid bij organisaties en professionals om die stap te maken. “Ik ben hoopvol. Ik zie echt dat mensen het anders willen. De vraag die ik vervolgens vaak hoor, is: maar hóé dan?”

Compassie van mens tot mens

Voor Mireille begint het antwoord bij de relatie. In 2022 noemde ze dat ‘werken vanuit het hart’. Vier jaar later staat ze daar nog steeds achter. “Voor mij betekent dat werken vanuit compassie. Naast iemand staan en oprecht betrokken zijn. Jongeren voelen heel snel of je echt bent. Je hoeft niet perfect te zijn. Met eerlijkheid, menselijkheid en humor kom je vaak ontzettend ver.”

Soms zit dat in kleine dingen. Een berichtje sturen naar een jongere met wie je ooit hebt gewerkt. Interesse blijven tonen zonder dat daar meteen een hulpverleningsdoel aan vastzit. Of jaren later op kraamvisite gaan bij iemand van wie je ooit voogd was. “Professioneel zijn betekent voor mij niet dat je afstandelijk moet zijn. Natuurlijk zijn er grenzen. Maar je mag ook gewoon mens zijn.”

Als Mireille vooruitkijkt, is haar wens uiteindelijk eenvoudig. “Ik hoop dat kinderen en jongeren zich gezien, gehoord en gesteund voelen. Dat we niet alleen het probleem zien, maar juist ook hun mogelijkheden en potentie. Dat zij merken dat al die veranderingen daadwerkelijk iets voor hen opleveren.” Want daar moet volgens haar iedere verandering uiteindelijk aan worden getoetst: “We kunnen er heel veel omheen organiseren, maar uiteindelijk gaat het erom wat een kind of gezin ervan merkt.”