Iedereen verdient het om zich thuis veilig te voelen. De manier waarop we in Nederland het zorg-, straf- en beschermingsstelsel hebben ingericht, maakt echter dat de hulp en bescherming van kinderen en volwassenen die thuis niet veilig zijn al jaren tekortschiet. De urgentie om dit te verbeteren is groot.
Onveiligheid binnen gezinnen en huishoudens moet sneller in beeld komen. Hulp moet beter gericht zijn op wat kinderen en volwassenen nodig hebben, met oog voor alles wat binnen het gezin of huishouden speelt, vanuit gelijkwaardigheid en betrokkenheid. Ook moet de hulp eenvoudiger en sneller beschikbaar zijn. Als het acuut onveilig is, is tijdig ingrijpen nodig om bescherming te bieden. Passende rechtsbescherming moet in alle stadia van hulpverlening en bescherming zijn gewaarborgd. Dat vinden de stelselverantwoordelijken, ervaringsdeskundigen en de betrokken uitvoerings- en kennispartijen.[1]
Op 8 juli 2026 hebben de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, de minister van Langdurige Zorg, Jeugd en Sport, de Vereniging van Nederlands Gemeenten, de Raad voor de Kinderbescherming, het Landelijk Netwerk Veilig Thuis, de Gecertificeerde Instellingen verenigd bij Jeugdzorg Nederland en twee leden van de Associatie Wijkteams hun handtekening gezet onder een nieuwe Veranderstrategie met acht acties. Deze Veranderstrategie is gericht op een grote omslag in de manier waarop we omgaan met gezinnen en huishoudens waar het thuis niet veilig is: we gaan fundamenteel anders denken, anders doen én anders organiseren. De Veranderstrategie betreft een doorontwikkeling van het Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming. De afgesproken acties helpen om de gewenste verbeteringen teweeg te brengen.
Hierover zeggen de ondertekenende partijen het volgende:
We pakken acht acties met prioriteit op
We zetten in op acht prioritaire acties om de al ingezette transitie te versnellen. Zo behouden we focus op hoe een betere bescherming voor kinderen, gezinnen en huishoudens er uiteindelijk uit moet komen te zien (het eindbeeld). De uitvoering hiervan vraagt om moed en lef op alle niveaus. Zo wordt in samenhang met de Hervormingsagenda Jeugd ingezet op stevige lokale teams die zelf hulp bieden als er sprake is van onveiligheid binnen een gezin of huishouden. De lokale teams en de zorg- en veiligheidspartners (zoals de geestelijke gezondheidszorg of de politie) gaan nauw samenwerken. Ook komt er een werkwijze waarin onveiligheid samen met het gezin of huishouden vanuit verschillende disciplines in samenhang wordt onderzocht, geanalyseerd en beoordeeld. En we bieden waar nodig meer ruimte in regels, wetgeving en kaders, zodat professionals kunnen doen wat nodig is om kinderen, gezinnen en huishoudens te helpen en beschermen, waarbij de rechtsbescherming voor kinderen en volwassenen geborgd is. Zie hier de kamerbrief en hier de Veranderstrategie voor het volledige actieoverzicht.
Ontwikkeling Regionale Veiligheidsteams (RVT’s)
Met de Veranderstrategie bevestigen we het eerder voorgenomen besluit van de stelselverantwoordelijken over de ontwikkelrichting naar Regionale Veiligheidteams (RVT’s) op de schaal van de veiligheidsregio’s. Dit is een belangrijke stap naar een eenvoudiger stelsel. Stapsgewijs en continu lerend in de context van de transitie, maken we de functionaliteiten en bevoegdheden van de RVT’s concreet in relatie tot de lokale teams. Waar mogelijk passen we de nieuwe werkwijze alvast toe.
Stapsgewijs aan de slag
We gaan stapsgewijs aan de slag, continu toetsend aan de pijlers van het Toekomstscenario: eenvoudig, gezinsgericht, rechtsbeschermend & transparant en lerend. We leren hierbij in en van de praktijk in de regio’s en vertalen knelpunten in het huidige stelsel naar concrete oplossingen voor gezinnen, huishoudens en professionals. Dit is een lange termijn proces. We zullen huiselijk geweld en kindermishandeling helaas (nog) niet altijd kunnen voorkomen. Proeftuinen en regio’s laten echter nu al positieve resultaten zien. Zo blijkt uit ervaringen van gezinnen en huishoudens dat zij zich gehoord en serieus genomen voelen en dat zij één vast contactpersoon als prettig ervaren. Professionals ervaren meer gelijkwaardigheid in de samenwerking met gezinnen en huishoudens en geven aan dat er meer maatwerk mogelijk is. Daar bouwen we op voort: dat wat werkt in de praktijk ontwikkelen we door en implementeren we zo snel mogelijk in alle regio’s.
Grote regionale opgave
Met de Veranderstrategie staan we gezamenlijk voor een grote opgave in de regio’s. In regio’s is een vertaling nodig naar de praktijk van het hier en nu. Met de focus op de fundamentele omslag die we willen maken, stellen we samen een Regionale Ontwikkelingswijzer op. Daarin wordt beschreven wat de landelijke uitgangspunten, werkzame elementen, beoogde resultaten inclusief fasering en leeropgaven zijn voor regio’s én waar de regio’s beleidsvrijheid hebben. Hierdoor wordt een herkenbare en samenhangende uitvoeringspraktijk ontwikkeld, waarbij lerende netwerken worden opzet voor kennisuitwisseling en inspiratie. Het streven is ook om op deze wijze tot meer uniformiteit in de ondersteuning voor gezinnen en huishoudens te komen, daar waar nu de regionale verschillen nog groot kunnen zijn.
Financiële ondersteuning
Gemeenten en uitvoeringsorganisaties staan er niet alleen voor om de gewenste ontwikkeling in de regio’s te realiseren. Het Rijk zorgt, binnen de mogelijkheden die er zijn, voor passende (financiële) ondersteuning voor de ontwikkeling in én met de praktijk. Naast de POK-middelen voor gemeenten verdeeld via de centrumgemeenten vrouwenopvang (€ 18 miljoen in 2026 en € 17 miljoen in 2027) stelt ook het ministerie van Justitie en Veiligheid middelen beschikbaar (per jaar 15 miljoen in 2027, 2028 en 2029) voor de acht acties.
Duurzaam samenwerken
Samen met alle partijen die hebben bijgedragen aan de Veranderstrategie hebben we afspraken gemaakt over duurzaam samenwerken tussen praktijk en beleid. We hebben elkaar nodig in de opgave waar we voor staan. We gaan gezamenlijk een proces in, waarin nog veel ontwikkeld, geleerd, besloten en georganiseerd zal worden. Vanuit de afspraken die we hebben gemaakt, werken we de komende jaren vol vertrouwen aan een blijvend veilige thuissituatie voor zoveel mogelijk kinderen en volwassenen.
Hoe verder?
Nu we de Veranderstrategie gezamenlijk hebben vastgesteld, gaan we aan de slag met het versnellen van de transitie en richten we een vervolgprogramma 2026-2029 in dat in het najaar operationeel is. Ook zal dan een bestuurlijk overleg plaatsvinden waar de voortgang wordt besproken. Zo snel mogelijk na de zomer zal meer bekend zijn over de Regionale Ontwikkelingswijzer Toekomstscenario. Dan zal ook duidelijk worden waar alle regio’s al mee aan de slag kunnen.
[1] De ministeries van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en Justitie en Veiligheid, de Vereniging van Nederlandse Gemeenten, diverse uitvoerings- en kennispartijen (waaronder de Raad voor de Kinderbescherming, Landelijk Netwerk Veilig Thuis, Jeugdzorg Nederland (GI’s), de Associatie Wijkteams, de Nederlandse GGZ, 3Ro (Reclassering), Nederlands Jeugdinstituut, Verwey-Jonker Instituut en Movisie), proeftuinen/regio’s en ervaringsdeskundigen.