De afgelopen jaren is het gebruik van jeugdzorg sterk toegenomen. Waar in het jaar 2000 nog 1 op de 27 kinderen gebruik maakte van jeugdzorg, ontvangt nu – 25 jaar later – 1 op de 7 kinderen jeugdzorg. Dit heeft echter niet geleid tot meer welbevinden van jeugdigen. De huidige situatie is onwenselijk en onhoudbaar. Meer jeugdzorg is niet de oplossing. We helpen jeugdigen hier niet mee en we hebben er ook de middelen en de mensen niet voor.
Beeld: © Marieke Duijsters
Kinderen moeten optimaal en veilig kunnen opgroeien zodat zij kunnen omgaan met de uitdagingen in het leven, ongeacht hun kwetsbaarheid of beperking. Ouders hebben hierin een primaire verantwoordelijkheid. Maar het vraagt ook iets van de gehele samenleving: van familie, vrienden en kennissen, van scholen, sportclubs, etc. Als hulpvragen complexer worden of niet meer met hulp van bekenden kunnen worden opgelost, kunnen steunstructuren en hulp in de directe leefomgeving van kinderen en ouders uitkomst bieden.
In het kader van de Hervormingsagenda wordt gewerkt aan een samenhangend pakket aan maatregelen dat hieraan moet bijdragen. Eén van de maatregelen betreft het wetsvoorstel reikwijdte, waarin deze beweging wordt gesteund en gewaarborgd.
Hoofdelementen wetsvoorstel Reikwijdte
De huidige Jeugdwet bevat een verplichting voor gemeenten om jeugdhulp in te zetten wanneer een jeugdige dat nodig heeft. Op dit moment betreft dit een open norm, waarbij niet is gedefinieerd of ingekaderd wat dit precies inhoudt. Dit leidt in de praktijk tot een zeer versnipperd landschap met onwenselijke verschillen tussen gemeenten. Hierdoor weten de jeugdige en ouders, maar ook gemeenten en aanbieders niet waar ze aan toe zijn.
In het wetsvoorstel Reikwijdte wordt deze open norm ingevuld en wordt de toegang tot de jeugdhulp beter ingericht door een scherpere selectie aan de poort. Er wordt overwogen de volgende elementen uit te werken in een wetsvoorstel:
- Kern van het wetsvoorstel is de verplichting dat iedere gemeente een stevig lokaal team heeft, waar inwoners laagdrempelig terecht kunnen met hun opgroei-, opvoedvragen en vragen over mentale gezondheid en ook zelf hulp kunnen bieden.
- Het nu veelomvattende begrip jeugdhulp wordt nader gedefinieerd. Het voornemen is onderscheid aan te brengen tussen (pedagogische) basisvoorzieningen, basishulp (die wordt geboden door of namens lokale teams) en aanvullende jeugdhulp.
- De toeleiding naar jeugdhulp wordt duidelijker omschreven:
- Bij het beoordelen of een gezin hulp of ondersteuning nodig heeft, is het belangrijk te kijken naar de brede context en wat een gezin of jeugdige hierin zelf kan doen. Bijvoorbeeld met behulp van het eigen netwerk.
- Aanvullende jeugdhulp wordt alleen ingezet wanneer dat noodzakelijk is. Of aanvullende jeugdhulp noodzakelijk is, is afhankelijk van de aard en ernst van de problematiek en de eigen mogelijkheden, het probleemoplossend vermogen en de toereikendheid van het netwerk van de jeugdige.
- Ook wordt onderzocht hoe gemeenten en professionals ondersteund kunnen worden bij de beoordeling of aanvullende jeugdhulp nodig is door aanvullend op het voorgaande punt (ernstcriterium) een ‘afwegingsproces’ in de Jeugdwet op te nemen.
Dit wetsvoorstel heeft grote urgentie. Tegelijkertijd is zorgvuldigheid belangrijk. We belopen een zorgvuldig proces met de betrokken partijen om te komen tot een voorstel dat bijdraagt aan verbetering van het jeugdstelsel.
Planning en internetconsultatie
Er wordt op volle kracht gewerkt aan het wetsvoorstel Reikwijdte om het zo spoedig mogelijk aan de Tweede Kamer te kunnen aanbieden. De inhoud van het voorstel wordt in intensieve afstemming met de partijen uit de Vijfhoek (vertegenwoordigers van cliënten, professionals, jeugdzorgaanbieders, gemeenten en het rijk) vormgegeven. Daarna gaat het in internetconsultatie om te toetsen of het wetsvoorstel dat er dan ligt de gewenste veranderingen in de praktijk zal faciliteren en zal een aantal specifieke vragen bevatten.
Parallel aan de internetconsultatie wordt een aantal dialoogsessies georganiseerd met o.a. cliënten(vertegenwoordigers), gemeenten, aanbieders en professionals. Afhankelijk van de ontvangen reacties, de uitkomsten van de diverse toetsen en het advies van de Raad van State, verwachten wij in 2026 het wetsvoorstel bij de Tweede Kamer te kunnen indienen.
Beeld: © OZJ
Leefwereldtoets Reikwijdte
Dit rapport heeft als doel om op een gestructureerde en zorgvuldige manier de opgehaalde inzichten uit de Leefwereldtoets, die is opgesteld in het kader van het thema Reikwijdte van de Hervormingsagenda, te bespreken. Door middel van een participatieve aanpak is beoogd om niet persé cijfers op te halen, maar vooral de verhalen er achter en deze te analyseren.
Bekijk en/of download het Adviesrapport Leefwereldtoets Reikwijdte